Dienstverlening, Participatie en Communicatie

Een sterke gemeenschap vraagt om een overheid die dichtbij staat, luistert en duidelijk communiceert. Ook in het verkiezingsprogramma van 2022 benadrukte de Gemeenschapslijst al het belang van een dienstverlenende gemeente die er is vóór haar inwoners, niet tegenover hen. Ook in 2026 en verder verdient deze ontwikkeling nog altijd veel aandacht.

Dienstverlening, toegankelijk en kloppend voor de inwoners

Goede dienstverlening begint bij toegankelijkheid. Inwoners moeten de gemeente makkelijk kunnen vinden en begrijpen, of het nu gaat om een vergunning, een melding in de openbare ruimte of een vraag over zorg en ondersteuning. De Gemeenschapslijst vindt het belangrijk dat regels duidelijk zijn, procedures niet onnodig ingewikkeld en dat inwoners weten waar zij terechtkunnen.

Persoonlijk contact blijft daarbij onmisbaar, zeker voor inwoners die minder digitaal vaardig zijn. Ook hoort hierbij dat de gemeente communiceert in begrijpelijke taal. Wanneer strikt juridische taal noodzakelijk is, moet deze altijd worden vergezeld van een heldere, eenvoudige uitleg.

Daarnaast kost digitale correspondentie soms erg veel tijd — voor inwoners én medewerkers. Daarom wil de Gemeenschapslijst binnen het ruimtelijk domein minimaal één dag per maand benutten voor inloopspreekuren, waarbij inwoners met een vraag om de tafel kunnen met de betreffende ambtenaar. Dit maakt het makkelijker om eenvoudige vragen te stellen en sneller antwoord te krijgen. De exacte frequentie en invulling moeten zich in de praktijk verder ontwikkelen.

‘’Een gemeente die doet wat ze belooft’’

De Gemeenschapslijst wil een gemeente die dichtbij inwoners staat, afspraken nakomt en helder communiceert. De inwoner moet centraal staan in de dienstverlening. Dat betekent: snel reageren, duidelijk zijn over wat wel en niet kan, en verantwoordelijkheid nemen voor gemaakte toezeggingen.

De afgelopen periode heeft laten zien dat interne processen beter moeten. De raadsenquête en het bestuurskrachtonderzoek maakten duidelijk dat procedures, dossiervorming en onderlinge afstemming onvoldoende op orde waren.

Dat mag zich niet herhalen. Daarom kiest de Gemeenschapslijst voor een stevige verbetering van de ambtelijke organisatie en het bestuurlijk samenspel.

We voeren vaste controlemechanismen in om grip te houden op processen en besluiten, zoals periodieke interne audits op grote projecten en dossiers, vaste voortgangsrapportages aan college en raad, duidelijk eigenaarschap per dossier (één verantwoordelijke ambtenaar en één bestuurlijk opdrachtgever) en standaard evaluaties na afgeronde projecten.

Daarnaast investeren we in professionele dossiervorming en kennisoverdracht. Belangrijke afspraken, keuzes en onderbouwingen worden structureel vastgelegd in centrale dossiers. Nieuwe medewerkers krijgen een goede overdracht, zodat projecten niet telkens opnieuw hoeven te beginnen.

Om de dienstverlening concreet te verbeteren, zetten we in op één vast aanspreekpunt per complex dossier voor inwoners en ondernemers, duidelijke termijnen voor reacties en besluiten, met actieve terugkoppeling bij vertraging, begrijpelijke brieven en e-mails, zonder onnodig jargon en meer persoonlijk contact bij ingewikkelde trajecten, in plaats van uitsluitend schriftelijke communicatie.

We investeren in opleiding van medewerkers, vooral op het gebied van communicatie, participatie en projectmatig werken. Binnen de organisatie stimuleren we kennisdeling tussen teams en leggen we best practices vast. Waar nodig halen we tijdelijk externe expertise binnen, met als doel die kennis blijvend intern te borgen. Ook de samenwerking tussen college, raad en organisatie moet sterker. Rollen en verantwoordelijkheden worden helderder vastgelegd, regionale afspraken beter gedocumenteerd en besluiten transparanter gecommuniceerd.

Participatie: meedoen, meedenken

Participatie is voor de Gemeenschapslijst meer dan inspraak alleen. In 2022 werd al uitgesproken dat inwoners vroegtijdig betrokken moeten worden bij plannen die hun leefomgeving raken. In de afgelopen raadsperiode is dit principe steeds vaker toegepast bij ruimtelijke ontwikkelingen, sociale projecten en beleidsvorming.

Die ervaring leert dat plannen beter worden wanneer inwoners, ondernemers en verenigingen vanaf het begin worden meegenomen.

Participatie vraagt om duidelijke verwachtingen en wel meedenken waar dat kan, uitleggen waar dat niet kan en altijd terugkoppelen wat er met inbreng is gedaan.               De Gemeenschapslijst wil dat participatie in Someren herkenbaar, eerlijk en inclusief blijft. Dat vraagt om verschillende vormen van participatie én om actieve inzet van de gemeente om mensen te bereiken. Lokale netwerken, dorpsraden en maatschappelijke organisaties spelen hierin een belangrijke rol.

De dorps- en wijkraden wil de Gemeenschapslijst nadrukkelijker betrekken en in positie brengen. Zij zijn een geschikt platform voor inwoners om het gesprek aan te gaan en kunnen de gemeente helpen bij het vormgeven van participatie bij grote projecten. Vooraf moet altijd duidelijk zijn welke invloed deelnemers hebben op het eindproduct. Gaat het om informeren, meedenken, meedoen of meebeslissen? Inwoners moeten die duidelijkheid vooraf krijgen.

Als laatste willen we gaan kijken of er in Someren gewerkt kan gaan worden met een burgerbegroting. Dat idee, dat onder andere ook in Maastricht gebruikt wordt, maakt het mogelijk voor burgers om direct te stemmen over waar de gemeente geld aan uit moet geven. Het gaat dan om een bepaald budget dat de gemeente jaarlijks beschikbaar stelt voor maatschappelijke projecten, waaruit inwoners middels stemmen mogen bepalen hoeveel geld naar welke initiatieven gaat.

Communicatie: praten mét mensen, niet tegen mensen

Digitalisering biedt kansen om dienstverlening en communicatie te verbeteren, maar mag nooit leiden tot uitsluiting. De Gemeenschapslijst staat voor een gemeente die digitale mogelijkheden benut waar dat kan, en persoonlijk contact biedt waar dat nodig is. Zo blijft de gemeente Someren bereikbaar voor iedereen.

In de communicatie moet een meedenkende houding centraal staan, waarbij de menselijke maat nooit uit het oog wordt verloren. De gemeente moet tijdig, helder, begrijpelijk en toegankelijk communiceren.

Dit vraagt om een communicatiestrategie waar de volledige gemeentelijke organisatie mee uit de voeten kan en waarin de inwoner écht centraal staat. Deze strategie moet bovendien zorgen voor continuïteit binnen de organisatie.

Concreet

  • De gemeente zorgt ervoor dat inwoners eenvoudig contact kunnen opnemen, zowel digitaal als ook persoonlijk, wat expliciet beschikbaar blijft.
  • Alle communicatie wordt standaard opgesteld in begrijpelijke taal; juridische teksten worden altijd vergezeld van een heldere uitleg.
  • In het ruimtelijk domein wordt minimaal één vaste inloopdag per week ingevoerd, waarop inwoners op afspraak in gesprek kunnen met een behandelend ambtenaar.
  • De werking en frequentie van deze inloopmomenten worden jaarlijks geëvalueerd en waar nodig aangepast op basis van ervaringen uit de praktijk.
  • Bij elk participatietraject wordt vooraf duidelijk vastgelegd welke invloed deelnemers hebben: informeren, meedenken, meedoen of meebeslissen.
  • De gemeente zorgt altijd voor terugkoppeling: wat is met de inbreng gedaan en waarom.
  • Dorps- en wijkraden worden structureel betrokken bij grote projecten en beleidsontwikkelingen en krijgen een duidelijke rol in het participatieproces.
  • Er wordt een heldere gemeentebrede communicatiestrategie opgesteld, met de inwoner centraal; de menselijke maat en een meedenkende houding zijn uitgangspunt.
  • Digitale middelen worden ingezet waar ze helpen, maar persoonlijk contact blijft beschikbaar waar dat nodig is.
  • De gemeente werkt met duidelijke reactietermijnen en communiceert actief bij vertraging.
  • Inwoners en ondernemers krijgen bij complexe dossiers één vast aanspreekpunt.
  • Er wordt een digitaal volgsysteem ingericht waarin inwoners de status van hun aanvraag kunnen volgen.
  • Bij ingewikkelde trajecten wordt persoonlijk contact het uitgangspunt, niet alleen schriftelijke communicatie.
  • Nieuwe medewerkers krijgen een gestructureerde overdracht om continuïteit te waarborgen en medewerkers worden gericht geschoold in communicatie, participatie en projectmatig werken.
  • Kennisdeling tussen teams wordt structureel georganiseerd en vastgelegd.
  • Externe expertise wordt waar nodig tijdelijk ingezet, met als doel kennis blijvend intern te borgen.
  • Het aantal nieuwe visiestukken wordt beperkt; de focus ligt op concrete beleidskaders en uitvoering.
  • Nieuw beleid bevat altijd duidelijke doelen, meetbare resultaten en een uitvoerings- en financiële paragraaf.
  • Er wordt een gemeentelijke werkgroep ingesteld die continu beleid en regels beoordeelt op doelmatigheid en effectiviteit en die adviseert om onnodige, overlappende of niet-werkende regels te vereenvoudigen, samen te voegen of te schrappen.
  • De gemeente legt verantwoordelijkheid duidelijk vast en komt gemaakte afspraken na en fouten worden erkend en gebruikt om processen te verbeteren.